Tips voor het optimaliseren van de opstartsnelheid van de GeoWeb WebViewer (HTML5-viewer)

28 februari 2017

Duurt het wel eens lang voordat uw GeoWeb WebViewer, gebaseerd op HTML5-technologie geladen is? Dit artikel beschrijft hoe u de oorzaak hiervan kunt achterhalen en de maatregelen die u kunt nemen om de performance van de viewer te verbeteren.

Zoeken naar de oorzaak

Met behulp van de Developer Tools in de browser kunt u de oorzaak van de performanceproblemen achterhalen. Open hiervoor de Developer Tools met behulp van de F12-toets.

  1. Kijk op het ‘Netwerk/Network’-tabblad hoelang het in totaal duurt om alle onderdelen van de viewer te laden. De totale laadtijd ziet u onderaan op het ‘Netwerk/Network’ tabblad.
  2. Kijk of u foutmeldingen ziet in de ‘Status’-kolom. HTTP 500-foutmeldingen kunnen bijvoorbeeld duiden op een service die niet te benaderen is met als gevolg een time-out van de service request. Dit is een vaak voorkomende oorzaak voor langzaam ladende viewers. Als er HTTP 400-foutmeldingen optreden, dan zou dit kunnen wijzen op een authenticatieprobleem.
  3. Sorteer de duur van de requests aflopend, zodat de langst durende requests bovenaan komen te staan. Dit doet u door op de kolom met de tijdslijn te klikken. Zijn er requests die meerdere seconden duren? Zo ja, kijk om wat voor request het gaat en of de laadtijd binnen de verwachtingen valt. Duurt het bijvoorbeeld net zo lang als je de request uitvoert in een nieuw browser tabblad? Voorbeeld: het is te verwachten dat het lang duurt om een grote of heel gedetailleerde featureservice te laden, maar als het om een kleine mapservice of een simpel configuratiebestand gaat, dan zou verder onderzoek nodig kunnen zijn.
  4. Sorteer op de grote van de requests, zodat de grootste requests bovenaan komen te staan. Dit doet u door op de ‘Omvang/Size’ kolom te klikken. Zijn er requests die opvallend groot zijn? Zo ja, kijk om wat voor request het gaat en of de grootte te verklaren is.
  5. 5. Open het 'Console'-tabblad en kijk of er foutmeldingen zijn. In de meeste gevallen zijn de foutmeldingen die u hier ziet gerelateerd aan de browser, maar er zouden ook netwerkfouten kunnen worden getoond. Browsermeldingen kunnen ook invloed hebben op de opstartsnelheid van de viewer. Kijk of u meer informatie kan vinden over deze foutmeldingen en mogelijke oorzaak.

Een alternatieve web debugging-tool is Fiddler. Dit is een gratis tool van Telerik met uitgebreide analysefuncties. Op de website van Telerik vindt u ook instructies over het gebruik van deze tool: www.telerik.com/support.

Naast de Developer tools kunt u ook monitoring tools gebruiken, zoals Geocortex Analytics of de System Monitor om de performance van map- en featureservices te monitoren en mogelijke oorzaken te vinden. Ook met behulp van de ArcGIS Server-logs zou u de reden voor een traag ladende service kunnen achterhalen.

Oplossingen in GeoWeb

In GeoWeb kunnen de volgende maatregelen worden genomen om de opstarttijd van de viewer te verkorten:

  1. Maak gebruik van een kaartlagencatalogus. Hiermee kan een gebruiker zelf de gewenste mapservices en kaartlagen toevoegen aan de viewer, waardoor er bij het opstarten van de viewer niet al een groot aantal kaartlagen geladen hoeft te worden. De kaartlagencatalogus is beschikbaar in de GeoWeb WebViewer vanaf GeoWeb 5.2.
  2. Voeg niet een hele mapservices toe aan de site, maar alleen de kaartlagen die u nodig heeft.
  3. Indien u geen gebruik maakt van de mogelijkheden voor toegang voor eindgebruikers met een beperking, dan kunt u de optie 'Gebruik aanvullende schermlezer notificaties' uitzetten via het ‘Toegankelijkheid’ tabblad in de GeoWeb Webviewer. Deze functie verstuurt namelijk extra requests om informatie over de kaart naar de schermlezer te sturen.
  4. Probeer complexe configuraties van permissies te voorkomen, zoals gebruikers met een groot aantal allow/deny-permissies voor veel verschillende individuele kaartlagen. Stel permissies bij voorkeur in op de hele mapservice of maak groepen van gebruikers aan die dezelfde permissies hebben.
  5. Probeer het gebruik van workflows te beperken die complexe query’s bevatten of workflows die al bij het opstarten van de viewer worden uitgevoerd (vinkje bij ‘Run On Startup’). Voeg in plaats daarvan een uitleg toe aan het startpaneel over wat de workflow doet en/of hoe de workflow uitgevoerd dient te worden.

Overige oplossingen

Indien traag ladende map- of featureservices de oorzaak zijn van het performanceprobleem, dan kunt u volgende tips hanteren voor het verbeteren van de laadtijd van deze services:

Wilt u een mapservice alleen gebruiken voor het weergeven, maar niet voor het bevragen van objecten, dan kunt u de data het beste publiceren als tiled mapservice. Bij het aanroepen van deze services worden afbeeldingen uit de cache geladen. Deze tiled mapservices hebben daarom een snellere laadtijd. Zie het volgende artikel voor meer informatie over het aanmaken van tiled mapservices: Tutorial: Creating a cached map service.